Stress is gezond (mits je er goed mee omgaat)

Klachten bij chronische stress bestaan in eerste instantie uit vage fysieke klachten, zoals vermoeidheid, steeds terugkerende infecties of rugpijn. Houdt de stress aan, dan kunnen ernstiger klachten ontstaan, zoals hart- en vaatziekten, en kunnen mensen die een gebrek aan sociale steun ervaren ook psychische klachten ontwikkelen, bijvoorbeeld depressiviteit. Een correlatie tussen overmatige stress en gezondheidsklachten wordt ook gerapporteerd door bijvoorbeeld Braveman, Egerter en Mockenhaupt (2011). Uit een onderzoek van Keller, et al. (2012) blijkt echter dat niet stress zelf, maar het geloof dat stress ongezond is negatieve gevolgen heeft voor de gezondheid. Mensen die veel stress ervaren en geloven dat stress niet ongezond voor hen is, blijken het laagste sterftecijfer te hebben, lager zelfs dan mensen die weinig stress in hun leven ervaren.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren

Een growth mindset stimuleert welbevinden

Iemand met een fixed mindset (Dweck, 2017) gelooft dat de eigen vermogens onveranderbaar zijn, dat zij of hij het moet doen met de vermogens waarmee zij of hij is geboren. Iemand met een growth mindset gelooft dat door eigen inspanning zij of hij de eigen vermogens in positieve zin kan beïnvloeden. Een growth mindset hangt samen met de neiging tot gebruik van intrinsieke motivatie in het stellen en behalen van doelen (Ng, 2018) en stimuleert daarmee welbevinden. Dweck (2017) stelt dat je iemand kan helpen haar of zijn mindset te veranderen. Voor plustaal betekent dit dat jij je cliënt kan helpen geloven dat door eigen inspanning ontwikkeling van haar of zijn vermogens mogelijk is: door dit te beamen. Daarmee stimuleer je haar of hem tot geloof in eigen kunnen, het stellen en daadwerkelijk behalen van doelen, intrinsieke motivatie en welbevinden.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren

Schaamte en het praten over seksualiteit

Cliënten ervaren bijna per definitie schaamtegevoelens tijdens het hulpverleningsgesprek, ongeacht of zij gestigmatiseerd worden of niet. Waarom hebben zij hulp nodig? Omdat het hun ontbreekt aan de juiste mogelijkheden. De meeste mensen zullen zich daarom schamen door hun ervaren gebrek aan vaardigheden om hun eigen boontjes te doppen, waar zij zich overigens meestal niet eens van bewust zijn. De sensitieve seksualiteitscounsellor heeft oog voor deze schaamtegevoelens en hoe de cliënten ermee omgaan. Zo is er oog voor welke afweerstrategie zij kiezen (bijvoorbeeld cliënten die hun eigen problemen bagatelliseren) en de mate van acceptatie (je kunt iets niet aanpakken als het er niet is).

Meer lezen

Competentie motiveert beter dan prestatie

Als je iets doet om je eigen competentie te vergroten, dan doe je dat omdat het goed voelt. Een succesvolle poging je competentie te vergroten geeft daarom een intrinsieke beloning en ondersteunt daarmee je eigenwaarde. Een intrinsieke beloning motiveert beter en langer dan een extrinsieke. Doe je iets om beter te presteren, dan doe je dat om de waardering van een ander te bemachtigen (een extrinsieke beloning) of om te laten zien dat je beter bent dan een ander, zie bijvoorbeeld Darnon, Jury en Aelenei (2018). Bijvoorbeeld: je kunt een studie gaan doen omdat het onderwerp je interesseert en je daarom daar meer over wilt weten. Dit is een competentiedoel. Je kunt een vaardigheid gaan aanleren omdat het je zal helpen meer te verkopen, even goed of zelfs beter te zijn in wat je doet dan een collega, enzovoort. Dit zijn alle prestatiedoelen.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren

Liefde en passie

Een algemeen uitgangspunt is dat er twee soorten liefde zijn: verliefd zijn en houden van. Er is ook hersenonderzoek dat aantoont dat deze twee vormen verschillende delen van de hersenen activeren (Aron et al., 2005), overigens ongeacht of het om heteroseksuelen of homoseksuelen gaat (Zeki & Romaya, 2010). Om dit allemaal te kunnen onderzoeken moeten er instrumenten voorhanden zijn die het begrip liefde meten. Een veelgebruikte maat is de zogenoemde triadic love scale, die uitgaat van drie factoren: intimiteit, passie en commitment, waarbij onderzoek aantoont dat deze zelfde drie factoren ook opgaan voor LGBT- (lesbienne, gay, biseksueel en transgender) mensen (Bauermeister et al., 2011).

Meer lezen

Een naderingsdoel motiveert beter en is langer vol te houden

Een naderingsdoel is iets waartoe je gemotiveerd bent omdat het je positieve resultaten zal opleveren, terwijl een vermijdingsdoel erop gericht is bepaalde ongewenste consequenties niet te laten optreden (Elliot & Covington, 2001). Een naderingsdoel motiveert beter en is langer vol te houden. Ook zijn mensen die een vermijdingsdoel nastreven geneigd meer risico’s te nemen (Ballard, Yeo, Neal, & Farrell, 2016). Denk bijvoorbeeld aan de partner van een jaloerse persoon. Beiden streven een vermijdingsdoel na: de jaloerse persoon wil voorkomen dat de partner haar of hem verlaat, de partner wil een ruzie voorkomen. Vooral de partner van de jaloerse persoon zal daarom risico’s nemen (door bijvoorbeeld niet de volledige waarheid vertellen), wat als zij of hij door de mand valt alleen maar tot een heftigere ruzie zal leiden. Het is daarom beter een naderingsdoel (dat wat de onderlinge relatie versterkt) na te streven. Met andere woorden: werken met de mogelijkheden die er al zijn in plaats van onmogelijkheden die vooralsnog alleen in je gedachten bestaan. Een naderingsdoel bevordert een positieve visie en valt daarmee onder plustaal.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren

Hechting en de behoefte aan aansluiting

Een begrip dat verband houdt met de psychische basisbehoefte naar verbinding is hechting. Maar wat wordt daar precies mee bedoeld? Om in algemene zin te beginnen: je hecht aan iets. Dat waar je je aan hecht, is waardevol en belangrijk, iets wat je een gemis zou opleveren als het zou ontbreken. Je aan iets hechten betekent dus dat het zowel belangrijk is voor je als dat het jou positieve gevoelens oplevert. Wanneer er over een verlies of verlieservaring wordt gesproken, dan wordt specifiek bedoeld dat iets waaraan je gehecht bent, verloren is gegaan. Hechting is dus de band die gecreëerd wordt tussen jou en iets wat voor jou waardevol en belangrijk is.

Meer lezen

Mogelijkheden in plaats van bedreigingen

Mensen weten meestal héél goed wat zij niet willen en kunnen goed verwoorden wat zij niet willen. Het omgekeerde is minder waar. Weten wat je wel wilt is lastiger te bedenken en te verwoorden. Mensen zijn eerder geneigd te spreken over bedreigingen (die er niet zijn) dan over mogelijkheden (die er wel zijn). Ook zwakken mensen veel van wat zij zeggen af uit een cultureel fenomeen om niet hun kop boven het maaiveld uit te laten steken, om bescheiden te doen. Plustaal gebruiken is een manier om dat tegen te gaan. In essentie gaat plustaal erom alle zinnen die zijn gesteld als ‘wat niet’ te proberen ombuigen naar ‘wat dan wel’.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren