Oxytocine zet je aan tot verbinding

Oxytocine is zowel een neurotransmitter (een signaalstof in het zenuwstelsel) als een hormoon, vaak aangeduid met de term ‘knuffelhormoon’. Ze blijkt een belangrijke rol te spelen op sociaal, relationeel en seksueel vlak. Ze koppelt plezierige gevoelens aan een verbinding maken met iemand anders.

Uit onderzoek blijkt dat dit stofje ook een gevoel geeft van verzadiging bij het eten (Sabatier, Leng, & Menzies, 2013) en belangrijk is voor een gezonde hersenontwikkeling van baby’s. Ook wanneer mensen elkaar benaderen door middel van oogcontact of aanraking, komt oxytocine vrij. Ze wordt tijdens sociale interactie en seksuele activiteit afgegeven door de hypothalamus en wordt vervolgens opgevangen in het emotionele centrum van de hersenen: het limbisch systeem. Een hoog oxytocinegehalte wordt geassocieerd met een gevoel van vertrouwen en verbondenheid, al kan onderzoek een oorzaak-gevolgrelatie nog niet echt ondersteunen (Nave, Camerer, & McCullough, 2015). Bij hogere niveaus van oxytocine ontstaat een hogere weerbaarheid tegen stress en verslaving en komt het lichaam sneller tot rust (Tops, Koole, Ijzerman, & Buisman-Pijlman, 2014). Een goed gesprek bevordert (louter omdat het menselijk contact is) de afgifte van oxytocine bij de cliënt.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren