Competentie motiveert beter dan prestatie

Als je iets doet om je eigen competentie te vergroten, dan doe je dat omdat het goed voelt. Een succesvolle poging je competentie te vergroten geeft daarom een intrinsieke beloning en ondersteunt daarmee je eigenwaarde. Een intrinsieke beloning motiveert beter en langer dan een extrinsieke. Doe je iets om beter te presteren, dan doe je dat om de waardering van een ander te bemachtigen (een extrinsieke beloning) of om te laten zien dat je beter bent dan een ander, zie bijvoorbeeld Darnon, Jury en Aelenei (2018). Bijvoorbeeld: je kunt een studie gaan doen omdat het onderwerp je interesseert en je daarom daar meer over wilt weten. Dit is een competentiedoel. Je kunt een vaardigheid gaan aanleren omdat het je zal helpen meer te verkopen, even goed of zelfs beter te zijn in wat je doet dan een collega, enzovoort. Dit zijn alle prestatiedoelen.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren

Autonomie, competentie en verbinding: de basis van psychisch welbevinden

Psychische basisbehoeften

Voor welbevinden is de vervulling van drie psychische basisbehoeften van belang: ieder mens heeft de behoefte aan autonomie, competentie en verbinding, al verschillen mensen in de mate waarin deze vervuld moeten worden voordat zij zich tevreden voelen over hun leven. Als hulpverlener is het belangrijk oog te hebben voor deze behoeftes bij de cliënt zodat je er beter bij kunt aansluiten.

Uit: Psychosociale gespreksvoering: De kunst van observatief luisteren